In ons tijdschrift: Het ontgroeningsschandaal van 1918

Deze en volgende maand maken weer honderden nieuwe Utrechtse studenten een ontgroening mee. Om de zoveel tijd doen zich daarbij excessen voor. Niet alleen de dodelijke roetkapaffaire uit 1965 vormde zo’n schandaal, maar ook de ‘zwijnerijen’ waar enkele novieten van het Utrechtsch Studenten Corps precies honderd jaar geleden mee te maken kregen. Er werd schande over gesproken, er werden maatregelen genomen, maar uiteindelijk veranderde er niets.

Wim Deijkers lid van verdienste

Op de ledenvergadering van 16 mei 2018 is Wim Deijkers door het bestuur benoemd als Lid van Verdienste van Historische Vereniging Oud-Utrecht . Hiermee dankt de vereniging Wim voor de geweldige hoeveelheid werk die hij als bestuurder heeft verricht voor de clusters van commissies en redacties, met het maximum van drie keer drie jaar als bestuurder.

Het juni-nummer van Tijdschrift Oud-Utrecht is uit!

Spieren, stoom en staal, De Utrechtsche IJzergieterij onder directie van de familie Van den Wall Bake speelde in de 19e eeuw als leverancier van draaischijven en bruggen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het Nederlandse spoorwegnet. Met een breed assortiment aan machinebouw en gietwerk had het bedrijf succes in een grotere markt. De opkomst en neergang van een modern metaalbedrijf.

Verjaardag van de stad Utrecht op 2 juni

Wat vooraf ging:

In 1122 verblijft Keizer Hendrik V in paleis Lofen in Utrecht. Aan de overzijde van de straat is het paleis van bisschop Godebald van Utrecht. Bisschop Godebald heeft zojuist besloten dat hij een dam in de Kromme Rijn zal laten leggen. Om Utrecht bereikbaar te houden, zal er een kanaal naar de Hollandse IJssel komen, de Vaartse Rijn. Hij wil dat de inwoners van Utrecht daarvoor betalen.

Historisch Café van 11 mei over 'Het beeld van de Utrechtse student' druk bezocht

Een van de succesvolste aktiviteiten van Oud Utrecht is het Historisch Café, een historische lezing in een ontspannen café-sfeer op de vrijdagmiddag. Ongeveer 50 bezoekers waren op 11 mei afgekomen op 'Het Beeld van de Utrechtse Student' door Maurice van Lieshout. De Smeezaal was dus goed gevuld met een deels vast publiek, waarbij de meerderheid zelf in Utrecht gestudeerd bleek te hebben. De stille kracht achter het ledenblad van Oud Utrecht (hij is eindredacteur) trad uit de schaduw met een beeldrijk verhaal over het Utrechtse studentenleven. Dat verhaal viel in de smaak. Beelden zeggen - zoals bleek - meer dan woorden, vooral als ze toegelicht worden.

Utrecht op film 1920-1980

Utrecht was in de twintigste eeuw favoriet onderwerp van veel filmers. De sloop en de nieuwbouw van het stationsgebied, zwemmen op een zomerse dag, een straatfeest in de jaren 80.... U ziet het terug in de filmcollectie van Het Utrechts Archief met meer dan 500 uur aan films van bedrijven en amateurs uit de periode 1920-1980. In de tentoonstelling Utrecht op film ontdekt u de hoogtepunten uit deze collectie.  

95 jarige Vereniging Oud-Utrecht biedt aanbevelingen voor cultureel erfgoed Utrecht

De historische vereniging Oud-Utrecht is vandaag, 12 maart 2018, 95 jaar oud. In 1923 is de vereniging opgericht door burgemeester Fockema Andreae met een uitnodiging aan ‘stadgenooten, bekend om of verdacht van belangstelling in het stedelijk verleden’. Nu, 95 jaar later, is er een actieve vereniging met een kleine 2000 leden die zich richt op geschiedenis, archeologie en monumenten. En met een handreiking voor Utrechts Erfgoed.

Historie van het waterleidingbedrijf in Utrecht

Halverwege de negentiende eeuw brak het besef door dat zuiver drinkwater belangrijk was voor de volksgezondheid. Het leidde in 1881 tot de oprichting van de Compagnie des Eaux d'Utrecht. Afgelopen vrijdagavond hield Bert Poortman van Oud-Utrecht een lezing over de historie van het waterleidingbedrijf in het Barholomeus Gasthuis.

Nieuwe cursusfolder van het Gilde Utrecht

De nieuwe cursusfolder van het Gilde Utrecht is uit.

Marietje van Winter 90 jaar

Al meer dan vijftig jaar houdt prof. em. jkvr. dr. Johanna Maria van Winter zich bezig met middeleeuwse studies. Zij studeerde geschiedenis in Groningen en Gent (1945-1953), met middeleeuwse geschiedenis als hoofdvak. In 1962 promoveerde ze op Ministerialiteit en ridderschap in Gelre en Zutphen.